maandag, 31. juli 2006 - 11:02

Rijk gaf in 2005 meer uit aan onderwijs

Den Haag

In 2005 bedroegen de totale rijksuitgaven 132,9 miljard euro. Dat is 2,2 procent meer dan in 2004. Het jaar daarvoor was er nog een daling van 0,5 procent. In de periode 2001–2003 namen de rijksuitgaven jaarlijks met gemiddeld 7 procent toe.

In 2005 vormden de sociale voorzieningen met 26,6 miljard euro de grootste uitgavenpost, gevolgd door onderwijs met 24,8 miljard euro. De uitgaven voor de sociale voorzieningen zijn in 2005 ook met het grootste bedrag (+2 miljard euro) gestegen. Deze stijging hing vooral samen met de rijksbijdrage aan het AOW-fonds. Door 1,4 miljard euro extra aan dit fonds toe te kennen, kon de AOW-premie ongewijzigd blijven. Verder ging er meer geld naar de AOW’ers om hun koopkracht te verbeteren en naar de opvang van kinderen (elk +0,3 miljard euro).

De uitgaven voor het algemeen bestuur, buitenlandse betrekkingen en ontwikkelingssamenwerking namen in 2005 met 1 miljard euro toe. Daarvan had de helft betrekking op een hogere afdracht van het Bruto Nationaal Inkomen aan de Europese Unie. Verder werd 0,3 miljard euro toegevoegd aan het budget van de belastingdienst vanwege de toegenomen taakuitbreiding. Voor hulp aan de door de tsunami getroffen landen en schuldkwijtschelding aan arme landen is 0,2 miljard euro extra uitgetrokken.

De uitgaven voor onderwijs zijn in 2005 met 0,7 miljard euro hoger dan in 2004. Hiermee blijft de groei licht achter bij de ontwikkelingen in 2004 en 2003 (+0,9 en +1,0 miljard euro). In 2005 gaf het rijk 0,3 miljard euro extra uit aan het primair onderwijs vanwege het toegenomen aantal leraren, de aanschaf van ict-leermiddelen en het onderwijs aan leerlingen met een handicap of gedragsstoornis. Bij het voortgezet onderwijs heeft vooral het grotere leerlingen aantal geleid tot een verhoging van de rijksbijdrage van 0,3 miljard euro.

In 2005 is vooral minder besteed aan algemene economische aangelegenheden en aan volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu (elk -0,3 miljard euro). Bij de algemene economische aangelegenheden had dit te maken met de lagere schade-uitkeringen voor exportkredietverzekering. Bij volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu is minder uitgegeven aan de stedelijke vernieuwing en energiebesparende maatregelen ten behoeve van de woningbouw. Verder waren er in 2004 incidentele meer-uitgaven voor een bedrag van 0,1 miljard euro voor de sluiting van draaitrommelovens en de beëindiging van chloortransporten.
Categorie:
Tag(s):