dinsdag, 12. december 2006 - 9:34

Ziekteverzuim in 2005 onveranderd

Amstelveen

Het ziekteverzuim van Nederlandse werknemers was in 2005 gemiddeld 4,0 procent. Dat is even hoog als in 2004. Werknemers hebben zich in 2005 minder vaak ziek gemeld, maar waren gemiddeld langer ziek. Dit blijkt uit cijfers van het CBS. De verzuimcijfers zijn exclusief landbouw en visserij, zorg, onderwijs en financiële instellingen.

Sinds 2004 hebben zieke werknemers in plaats van één jaar, twee jaar lang recht op doorbetaling van hun loon door de werkgever. De registratie van het ziekteverzuim langer dan één jaar wordt vanaf 2005 meegeteld. Van het verzuimcijfer van 4,0 procent in 2005 is slechts 0,1 procentpunt afkomstig van werknemers die in 2004 ziek werden en langer dan één jaar ziek waren.

Het ziekteverzuim van oudere werknemers (45-plus) is in 2005 toegenomen. Dat geldt vooral voor de 55- tot 65-jarigen. Hun verzuim nam toe van 5,5 procent in 2004 naar 6,1 procent in 2005. Werknemers vanaf 55 jaar zijn gemiddeld minder vaak ziek dan werknemers van 25 tot 55 jaar, maar zijn wel langer ziek. Het verzuimpercentage van werknemers jonger dan 35 jaar nam in 2005 af. Jongeren tot 25 jaar hebben met 1,6 procent het laagste ziekteverzuim en zijn het minst vaak ziek.

Van de niet-westerse allochtonen is het verzuimpercentage in 2005 gedaald naar 4,5. In 2004 bedroeg dit nog 4,7 procent. De daling deed zich voor bij alle onderscheiden groepen, behalve bij Surinamers. Het ziekteverzuim onder autochtonen bleef met 3,9 procent gelijk ten opzichte van 2005.

Van alle onderzochte bedrijfstakken had de horeca in 2005 het laagste ziekteverzuim, namelijk 2,1 procent. In deze bedrijfstak zijn relatief veel jongeren werkzaam. Het openbaar bestuur was met 5,4 procent de bedrijfstak met het hoogste ziekteverzuimpercentage. Het sterkst gedaald is het ziekteverzuim in de zakelijke dienstverlening. In die bedrijfstak ging het percentage omlaag van 3,5 naar 3,1.
Categorie:
Tag(s):