woensdag, 28. april 2010 - 14:42

Totaal 46 jaar gevangenisstraf na drugsmoord in Utrecht

Utrecht

Een 27-jarige en 22-jarige man uit Rotterdam zijn woensdag veroordeeld tot gevangenisstraffen van respectievelijk 30 jaar en 16 jaar. Dit heeft de rechtbank in Utrecht woensdag bekendgemaakt.

De rechtbank in Utrecht achtte bewezen dat het tweetal in januari 2008 aan de Dickenslaan in Utrecht een man met een vuurwapen om het leven bracht na een ruzie om drugs.

De rechtbank baseerde die overtuiging onder meer op getuigenverklaringen, aangetroffen DNA-sporen in een vluchtwagen en afgeluisterde telefoongesprekken. De rechtbank verbond geen consequenties aan het feit dat voor een deel van de afgeluisterde telefoongesprekken het wettelijk vereiste bevel van de officier van justitie ontbrak.

De rechtbank oordeelde dat de verdachten hierdoor niet in hun verdediging waren geschaad, omdat zowel de rechter-commissaris als het college van Procureurs-Generaal toestemming hadden gegeven voor het opnemen van de gesprekken.

De rechtbank achtte de twee daarnaast schuldig aan een later gepleegde poging tot beroving in een woning in Eindhoven, waarbij zij ook gebruik maakten van een vuurwapen. De jongste verdachte werd daarnaast schuldig bevonden aan een beroving in Breda, waarbij ook een vuurwapen werd gebruikt.

De straf die de rechtbank aan de 22-jarige verdachte oplegde was conform de eis. De officier van justitie had tegen de 27-jarige man een levenslange gevangenisstraf geëist. De man was net elf dagen vrij, nadat hij zes jaar had uitgezeten van een gevangenisstraf van negen jaar wegens berovingen met gebruikmaking van een vuurwapen.

Dat heeft hem er niet van weerhouden om zich weer schuldig te maken aan een soortgelijk feit - waarbij nu een slachtoffer werd gedood - en later nog een poging tot het plegen van een woningoveral te doen. De rechtbank noemde in dat licht bezien de vordering van de officier van justitie begrijpelijk

De rechtbank stelde daar tegenover dat de verdachte nu 27 jaar oud is, dat levenslange gevangenisstraf - behalve de mogelijkheid van gratie - levenslang duurt en dat tussentijdse toetsing van zo'n straf naar de nu van kracht zijnde wettelijke regelingen niet aan de orde is. Daarom zou veroordeling tot levenslange gevangenisstraf de verdachte ieder perspectief op invrijheidstelling ontnemen.

De rechtbank koos er daarom voor om verdachte te veroordelen tot een tijdelijke gevangenisstraf van de maximale duur. Dat betekent dat verdachte vele jaren uit de samenleving is verwijderd en dat, er vanuit gaand dat op termijn een voorwaardelijke invrijheidstelling plaatsvindt, terugkeer naar de samenleving dan onder strikte voorwaarden kan plaatsvinden en langdurig kan worden begeleid.

De rechtbank was van oordeel dat daarmee zowel vanuit het oogpunt van vergelding als vanuit het oogpunt van beveiliging van de maatschappij recht wordt gedaan aan de ernst van de feiten en de gevolgen die deze hebben gehad voor de nabestaanden.
Provincie:
Tag(s):