dinsdag, 25. juni 2013 - 20:45 Update: 03-07-2014 0:55

Kleinkind moest van opa spullen uit winkel stelen

Foto van rechtbank officier | Archief EHF
Foto: Archief FBF.nl

Dinsdag stond een 50-jarige man voor de rechter vanwege het plegen van een winkeldiefstal op 5 april van dit jaar. Hij deed dit samen met zijn 10-jarige kleindochter.

De officier van justitie merkte dit niet alleen aan als medeplegen diefstal maar ook als mensenhandel: uitbuiting van mensen in arbeid en diensten. Ook is witwassen ten laste gelegd. Voor al deze feiten eiste de officier van justitie een celstraf en een contactverbod. 

De officier van justitie stond lang stil bij de kwalificatie mensenhandel. Niet eerder is er een uitspraak geweest over het gedwongen plegen van een winkeldiefstal. Omdat het meisje minderjarig is, hoeft er geen sprake te zijn van dwang of geweld omdat de 50-jarige opa overwicht over zijn 10-jarige kleinkind heeft. De beelden uit de winkel laten zien dat de man het kind aanwijzingen geeft goederen in de tas te doen, die bij nader onderzoek een geprepareerde tas blijkt te zijn.

Het meisje is een kwetsbaar kind dat problemen vertoont en niet bij de ouders opgroeit maar wordt 
opgevangen door opa en oma. Door het kind aan te zetten tot de winkeldiefstal is er inbreuk gemaakt op haar fundamentele rechten zoals haar geestelijke integriteit en persoonlijke vrijheid. 

Bij de aanhouding van de verdachte werd bij hem een contant geldbedrag van 11.250 euro aangetroffen. Hij was aan dit geld gekomen door de verkoop van zijn naaiatelier en kapperszaak, zo verklaarde hij, werk heeft hij niet. Het bedrag is in contanten betaald en de transacties zijn onduidelijk gedocumenteerd. In 2011 verklaart de verdachte echter schulden te hebben overgehouden aan de verkoop van de twee ondernemingen. 

Al met al vindt de officier van justitie bewezen dat de man zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen, medeplegen winkeldiefstal en mensenhandel. Dat hij geen verantwoordelijkheid neemt voor de winkeldiefstal en deze op het meisje afschuift, nam ze hem zeer kwalijk. De situatie waarin het jonge meisje is beland, noemt zij "schrijnend. Minderjarigen moeten ten alle tijden worden beschermd tegen dergelijke praktijken". Ze eiste een celstraf van 9 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, een proeftijd van drie jaar en een contactverbod met het meisje gedurende de proeftijd.

 
Provincie: