donderdag, 23. juni 2016 - 19:47 Update: 23-06-2016 21:41

Man krijgt weer 12 jaar cel voor doodslag op 17-jarige ex-vriendin

Weer 12 jaar cel geëist voor doodslag op 17-jarige Juliette Bouhof
Foto: Archief FBF.nl
Den Bosch

De advocaat-generaal in Den Bosch heeft in hoger beroep 12 jaar gevangenisstraf geëist tegen een 23-jarige man voor doodslag op de17-jarige Juliette Bouhof. Het stoffelijk overschot van het meisje, de ex-vriendin van de verdachte, werd op 26 oktober 2014 gevonden in Eindhoven. Dit heeft het Openbaar Ministerie bekendgemaakt.

De rechtbank veroordeelde de verdachte tot 9 jaar cel, na een eis van 12 jaar. Zowel de verdachte als het OM heeft tegen dit vonnis hoger beroep aangetekend. Het vonnis geldt tevens bedreiging en het wederrechtelijk binnendringen in het huis van de moeder van het slachtoffer.

De advocaat-generaal vindt de opgelegde 9 jaar cel volstrekt onvoldoende recht doen aan de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is begaan en de omstandigheden die eraan vooraf zijn gegaan, waaronder een reeks bedreigingen. Niet alleen Juliette zelf, maar ook haar familie heeft ernstig geleden onder de door de verdachte uitgeoefende terreur. Ten tijde van de doodslag op Juliette had de verdachte een contactverbod, opgelegd nadat hij een naaktfoto van het meisje op internet had gezet en haar en haar moeder had bedreigd. Dit verbod heeft hij genegeerd.

Het dossier bevat onder meer een grote hoeveelheid Whatsappgesprekken , waaruit blijkt hoezeer de verdachte Juliette in zijn macht heeft willen houden, door onophoudelijk te intimideren, te bedreigen en te schelden. Uit de gesprekken en uit de sectie op het lichaam van het slachtoffer blijkt tevens dat er sprake is geweest van fysieke mishandeling. Het fatale dichtknijpen van de keel is voorafgegaan of gepaard gegaan met hevig geweld op het hoofd en lichaam van het slachtoffer.

De advocaat-generaal heeft in zijn requisitoir uitvoerig stilgestaan bij de vraag of er sprake is geweest van moord dan wel doodslag. Er zijn aanwijzingen in de richting van voorbedachte raad (moord), maar in de visie van de advocaat-generaal ontbreekt het bewijs hiervoor. Er zitten te veel lacunes in de zaak om voorbedachte raad te kunnen motiveren, aldus de aanklager in hoger beroep. In 2012 heeft de Hoge Raad de criteria voor de bewezenverklaring van voorbedachte raad aangescherpt.

De advocaat-generaal is tot de conclusie gekomen dat er sprake is van doodslag ,,in de juridische zin van het woord’’ en heeft gevorderd de verdachte hiervoor te veroordelen. ,,Maar tegelijk hecht ik eraan om te benadrukken dat ik van oordeel ben dat het qua strafmaat gaat om een feitelijke doodslag die akelig in de buurt komt van moord. Omdat die kale juridische vaststelling geen recht doet aan de voorgeschiedenis van ernstige (doods)bedreigingen, intimidaties, het controlerende en dwingende gedrag van verdachte, diens fysieke mishandelingen en het negeren van het contactverbod dat híj kort tevoren opgelegd had gekregen maar dat van onvoldoende gewicht is gebleken om hem in bedwang te houden.’’

De rechtbank heeft in haar vonnis overwogen dat de verdachte naar zijn vermogen spijt heeft betuigd en inzicht in zijn handelen heeft getoond. De advocaat-generaal ziet echter in het gedrag van verdachte voldoende feiten en omstandigheden die wijzen op een berekenende dader. ,,Gedrag dat wijst op een man die zijn knopen telt, gedrag dat allesbehalve wijst op spijt.’’ De advocaat-generaal wees er daarbij op dat de verdachte heeft betoogd dat hij zichzelf moest verdedigen (er zou een gevecht hebben plaatsgevonden tussen de verdachte en het slachtoffer) en zich langdurig heeft beroepen op zijn zwijgrecht. Hij legt de schuld bij ,,een door hem geterroriseerd meisje dat zich toen en nu al helemaal niet kan verdedigen. Niet fysiek tegen haar belager maar ook niet tegen het beeld dat ten onrechte van haar wordt gecreëerd.’’

Na het doden van Juliette wijst het handelen van de verdachte er vooral op dat hij zijn verantwoordelijkheid heeft willen ontlopen. Hij heeft geen hulp ingeroepen, zijn kleding verstopt, zijn telefoon uitgezet en de familie van het slachtoffer een dag lang in het ongewisse gelaten terwijl er met man en macht naar Juliette werd gezocht.

Het hof doet (naar verwachting) uitspraak over twee weken.