Minder starters op woningmarkt; 25- tot 35-jarigen wonen vaker thuis
In 2024 waren er 518 duizend starters op de woningmarkt, minder dan de 560 duizend in 2023. Vooral het aantal jongeren dat het ouderlijk huis verlaat daalt, met 12 procent. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn gemaakt.
In 2024 startten 96 duizend thuiswonenden jonger dan 25 jaar op de woningmarkt. In 2023 waren dit er nog 125 duizend. Tegelijkertijd neemt het aantal startenden van 25 tot 35 jaar toe, maar ook deze leeftijdsgroep krijgt het moeilijker om het ouderlijk huis te verlaten. Het totaal aantal 25- tot 35-jarigen in 2024 steeg met 1,7 procent, terwijl het aantal thuiswonenden in deze leeftijdsgroep met 5,6 procent groeide. Het aantal thuiswonende jongeren van 17 tot 25 jaar blijft in dat jaar vrijwel gelijk.
Starters zijn vooral mensen die voor werk of studie immigreren
Starters zijn niet alleen jongeren die uit huis gaan om op zichzelf te gaan wonen. Het grootste deel van de starters zijn mensen die voor werk of studie naar Nederland komen. Deze immigranten komen rechtstreeks op de woningmarkt terecht.
Ook Oekraïners zijn startende immigranten. Zo was er in 2022 een piek in het aantal immigranten vanwege de toestroom van Oekraïners. Het aantal uit huis gaande startende jongeren daalde in 2022. Het aantal immigranten nam na 2022 af met 22 procent.
Ook personen die vanuit een institutioneel huishouden op de woningmarkt komen zijn starters. Dit zijn bijvoorbeeld statushouders die vanuit een asielzoekerscentrum naar een eigen woning verhuizen, of voormalig gedetineerden. Het aantal personen dat verhuisde vanuit een institutioneel huishouden bleef in 2024 relatief klein (22,3 duizend personen), maar steeg wel met 13 procent.