dinsdag, 12. mei 2026 - 21:53 Update: 12-05-2026 21:57

Tweede Kamer neemt wetsvoorstel voor meer zekerheid flexwerkers aan

zetels-leeg-tweede-kamer
Foto: Tweede Kamer
Den Haag

Werknemers met een flexibel arbeidscontract krijgen meer zekerheid over hun inkomen en hun werktijd. 'De Tweede Kamer heeft vandaag het wetsvoorstel dat dit regelt van minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangenomen', zo meldt het ministerie van Sociale Zaken vandaag.

Nederland heeft van hele EU meeste mensen met flexcontract

Nederland telt met afstand de meeste mensen met een flexcontract van de hele EU: 2,7 miljoen mensen. Dat zijn er bijna 3 op de 10. Er komen daarom strengere regels om draaideurconstructies met tijdelijke contracten te voorkomen. En oproepcontracten worden vervangen door contracten met een minimumaantal uren dat je standaard wordt betaald en ingeroosterd. Als ook de Eerste Kamer instemt kan het wetsvoorstel per 1 januari 2028 in werking treden.

Minister Hans Vijlbrief: “Met dit wetsvoorstel krijgen mensen meer zekerheid over hoeveel uren ze werken en hoe hoog hun inkomen is. Als je dat weet kan je plannen maken voor de toekomst. En die zekerheid biedt ook ruimte voor scholing en ontwikkeling, wat goed is voor de werknemer en de werkgever. Dit wetsvoorstel heeft de steun van zowel de vakbonden als de werkgevers, en ik ben heel blij dat nu ook een grote meerderheid in de Kamer het steunt. Ik ga de Eerste Kamer vragen dit wetsvoorstel snel op de agenda te zetten, zodat we snel aan de slag kunnen.”

Draaideurconstructies

Met deze nieuwe wet wordt het uitgangspunt dat tijdelijke contracten alleen bedoeld zijn voor tijdelijk werk. Na een tijdelijk contract moeten werknemers sneller een vast dienstverband krijgen en mogen zij niet meer na 6 maanden opnieuw een tijdelijk contract krijgen.

Oproepcontracten

In plaats van de nulurencontracten komt er een bandbreedtecontract. Daarin wordt er een minimum- en een maximumaantal uren afgesproken, waarbij het verschil maximaal 130% is. Dit betekent dat bij een minimum van 10 uur het maximum 13 uur is. Oproepen die boven het maximum zitten mogen door de werknemer geweigerd worden. En als er structureel meer wordt gewerkt moet er een contract worden aangeboden met een hoger aantal uren.

Uitzendkrachten

Mensen die werken via een uitzendbureau moeten minimaal gelijkwaardige arbeidvoorwaarden krijgen als mensen die regulier in dienst zijn. Dit volgde voor beloning al uit een uitspraak van het Europees Hof van Justitie, en wordt nu voor alle arbeidsvoorwaarden vastgelegd in de Nederlandse wet. Ook worden de fases van uitzendwerk waarin je elke dag kan worden ontslagen of niet weet hoeveel uren je kan werken verkort van anderhalf jaar naar 1 jaar. Op die manier zorgt het wetsvoorstel voor meer zekerheid voor uitzendkrachten.

Aanpassingen door de Tweede Kamer

De Tweede Kamer heeft enkele aanpassingen gemaakt in de wet. Zo mag er na 3 tijdelijke contracten 3 jaar lang geen tijdelijk contract meer worden afgesloten. In het eerdere wetsvoorstel was dit nog 5 jaar. Ook mogen AOW-gerechtigden straks nog wel op een oproepcontract werken. De wet kende deze uitzondering al voor jongeren, scholieren en studenten met bijbanen. En tot slot krijgt de minister de mogelijkheid om in te grijpen als er sprake van structurele onderbetaling in de uitzendsector.

Arbeidsmarktpakket

Samen met enkele andere wetsvoorstellen vormt dit voorstel een hervorming van de Nederlandse arbeidsmarkt die moet zorgen voor meer zekerheid voor werknemers en meer wendbaarheid voor ondernemers. Het is het eerste grote wetsvoorstel van het arbeidsmarktpakket dat is aangenomen. Deze wetsvoorstellen vloeien voort uit afspraken die het kabinet in 2023 heeft gemaakt met vakbonden en werkgevers en zijn gebaseerd op het rapport van de commissie Borstlap uit 2020 en het SER-advies uit 2021.