Fysiotherapeuten dagen zorgverzekeraars voor de rechter om tarieven
Honderden fysiotherapeuten uit heel Nederland verenigen zich in een rechtszaak tegen meerdere grote zorgverzekeraars. Woensdag eisen zij in een kort geding een tariefverhoging van ruim 45 procent. Die verhoging is volgens de eisers nodig om marktconforme salarissen te kunnen betalen. Al jaren liggen de vergoedingen volgens hen dermate laag dat er sprake is van een slijtageslag in het vakgebied.
Waarom fysiotherapeuten naar de rechter stappen
Slechts een half procent van de fysiotherapeuten in de eerste lijn werkt door tot de pensioengerechtigde leeftijd. Dat stelt Rick Even, bestuurslid van vakbond FDV. Eerstelijnsfysiotherapeuten zijn behandelaars die werken in een praktijk, niet in een ziekenhuis of revalidatiecentrum. Vakbond FDV heeft het kort geding niet zelf aangespannen, maar steunt de actie volledig. Eerstelijnsfysiotherapeuten blijven gemiddeld zeven jaar in het vak, aldus FDV. Daarna kiezen velen voor een baan met een beter salaris en een goede cao, bijvoorbeeld in het onderwijs. Al twintig jaar ontbreekt een cao voor fysiotherapeuten. Werkgevers hebben simpelweg geen financiële ruimte om betere arbeidsvoorwaarden af te spreken. In 2025 verdient een eerstelijnsfysiotherapeut bij een fulltime werkweek gemiddeld ruim 55.000 euro bruto per jaar.
Waarom de tarieven al twintig jaar vastzitten
In de fysiotherapie gelden sinds 2005 vrije tarieven, legt het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF) uit. Het idee was dat de beroepsgroep jaarlijks onderhandelt met zorgverzekeraars over de tarieven, maar in de praktijk gebeurt dat niet. Verzekeraars leggen aan het einde van het jaar een contract voor. Fysiotherapeuten kunnen daarbij weinig anders dan tekenen, vertelt KNGF-voorzitter Lodi Hennink. De markt werkt volgens hem niet zoals bedoeld. Wat de beroepsgroep vooral stoort, is dat niemand toezicht houdt op de tarieven. Het KNGF wil daarom onder het gezag van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vallen, zodat een onafhankelijke partij meekijkt. De NZa hield begin dit jaar al een marktonderzoek naar de sector. Daaruit bleek dat de toegang tot fysiotherapie over het algemeen goed is.
Vervolg in de rechtszaal
De NZa ziet ondanks de gunstige toegankelijkheid wel risico's voor de toekomst. Fysiotherapeuten spelen namelijk een belangrijke rol bij het voorkomen van zwaardere zorg, doordat zij steeds meer preventief werk verrichten. Volgens de toezichthouder zijn politieke keuzes nodig om die rol te versterken. Zo zouden de eerste twintig behandelingen voor chronisch zieken vergoed kunnen worden via de basisverzekering. De beloning van eerstelijnsfysiotherapeuten ligt bovendien 40 tot 50 procent lager dan die van collega's in het ziekenhuis. Zij behandelen vaak complexere aandoeningen, waarvoor zorgverzekeraars aanzienlijk hogere vergoedingen betalen.
Ook ABN Amro concludeerde vorige week na eigen onderzoek dat mensen met lagere inkomens minder vaak fysiotherapie gebruiken. Toch hebben zij vaak juist meer zorg nodig. Die zorgmijding kan gezondheidsproblemen verergeren, waardoor patiënten later duurdere zorg nodig hebben. In 2025 kregen ruim 4 miljoen mensen een behandeling van een fysiotherapeut. Elke dag dat de bekostiging van eerstelijnsfysiotherapie niet wordt herzien, kost Nederland geld, stelt werkgeversvereniging WVF. De uitspraak in het kort geding wordt over enkele weken verwacht. Voor patiënten verandert er voorlopig weinig, al houden brancheorganisaties de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.